Preek paasdienst 7 april

Lieve allemaal,
Willem Barnard – hij was hier ooit predikant en is later een bekend dichter én écht goede bijbeluitlegger geworden – Willem Barnard heeft ooit iets gezegd als:
“veel mensen denken dat Johannes 3:16 de belangrijkste tekst uit de bijbel is. Dat is de tekst van “alzo lief heeft God de wereld gehad, dat Hij zijn eniggeboren Zoon gegeven heeft”. Dat is niet zo. De allerbelangrijkste tekst uit de bijbel is Johannes 20:16: En Jezus zei tegen haar “Maria”. Ze draaide zich om en zei “Rabboeni”, mijn meester!”
Ik denk dat Willem Barnard gelijk heeft. Waarom? In dit verhaal wordt het Pasen voor Maria van Magdala. Nog iets anders: Pasen of Jezus die opstaat uit de dood is hier geen theoretisch feit voor Maria, maar een gebeuren dat haar helpt weer tot leven te komen. Door het verdriet heen. En dat zit ergens in het noemen van die naam. Maria!
Maria zit net als de andere vrienden van Jezus écht diep in de put. Hoe ziet die put eruit? Ze hebben om te beginnen afschuwelijke dingen gezien, waarvoor je vandaag lang in therapie zou moeten. Ze hebben gezien hoe hun vriend Jezus afschuwelijk is gemarteld. Soms zie ik beelden op het journaal waar ik gewoon niet naar kan kijken. Te erg. Dat soort beelden heeft Maria gezien, maar dan niet op het journaal, maar live bij Jezus. Totdat de dood erop is gevolgd.
Maar er zit meer achter. Ze hielden van Jezus, allemaal. En nu kunnen we heel geïnteresseerd doen over of er iets is geweest tussen Jezus en Maria, maar dat is niet de focus van de bijbelschrijvers. En ik denk ook niet van de vrienden van Jezus. Het is meer dit: in Jezus hebben ze hoop gekregen voor het leven op deze aarde. Of nog anders: ze hebben gedacht, dat in Hem God op een heel bijzondere manier onder hen was. Let op: dat is het unieke aan het christelijk geloof. In geen enkele andere godsdienst is er een verhaal dat een Godheid de mensen zó belangrijk vindt, dat Hij bij ze komt wonen. Alle goden blijven ergens hoog en droog zitten. In het christelijk geloof is er de ervaring: Hij voelt zich niet te groot, te hoog, maar komt bij ons, onder ons. En, sterker nog, Hij voelt zich voor niemand te groot en niemand is te min voor hem. Ook niet de mensen die er een zooitje van maken, die – in bijbelse taal – in duisternis leven. Niks ervan.
Van Maria zélf gaat het verhaal dat ze behoorlijk vast is gelopen in haar leven. Andere evangelisten vertellen het. Jezus moet haar hebben geholpen en haar een nieuw zicht op zichzelf hebben gegeven. Niet een mislukt mens, een vrouw op wie andere mensen neerkijken – al dan niet terecht – , maar vooral een mens, een kind van God. Dat is één van de redenen waarom Hij zó belangrijk voor haar is. Hij geeft haar zicht op God! En het idee, de zekerheid dat zij ertoe doet. En dat deed Hij niet alleen bij haar, maar bij zoveel mensen.
En nu is Hij dood. Dat is het dus ook. De mens van God, die haar zó heeft geholpen, ís er niet meer. Is God er dan nog wél? Is God er wel of is het allemaal een illusie? Wat moet zij nu verder? Wat moeten de anderen nu verder?
Maria zit helemaal vast. In verdriet, in zichzelf. Ze loopt door een prachtige tuin, maar ze kan het niet zien, want haar ogen zitten vol verdriet. De put.
Velen van ons kennen het woord “put”. En dat niet alleen in theorie, maar omdat je de put hebt gezien, erin hebt gezeten. Of misschien nóg zit. Soms, een tijdje, al lang. Hoe die put eruit ziet?
Voor sommigen is er de put van het verdriet, het gemis. Van je kind, je geliefde of je vader of je moeder. Soms zelfs allebei. De doop van Liv is in die zin een bijzonder gebeuren, haast een wonder. Dat Marco en Jennifer hier zijn en die doop kunnen vieren, het leven. In een paar jaar verloor je, Jennifer, je moeder, je vader en je tante die als een moeder voor je was en dan ben je 23. Zo kan de put van verdriet er dus uitzien. Anderen hier aanwezig kennen die put ook. Maar dat je dan dus hier
bent en de geboorte van Liv – leven betekent haar naam en hoe bijzonder is die naam voor jullie! – als cadeau van God viert!
Of, zoals bij Hendrian. In je jonge jaren merk je God heel dichtbij als je broertje heel erg ziek is. En dan word je ouder en je wilt best geloven, maar de hele tijd staan mensen dat geloof van je in de weg, omdat ze je het idee geven dat in geloven en kerk zijn regels het belangrijkste zijn. En dan is het ergens tóch bijzonder dat je door de doop én het geloof van je vriendin je gaat ontdekken dat geloof veel meer is dan regels, maar dat de kern zit in liefde en vreugde. En daarom is het bijzonder dat Hendrian zijn geloof belijdt.
Of de put is, dat je aan het vastlopen bent met jezelf, je huis, je leven. Wat een rotput. En dat er dan toch een manier van daar doorheen komen is. Dat er mensen op je pad komen en dat je in die mensen of zonder die mensen iets van God ervaart.
Maria! Marco! Jennefer, Liv, Hendrian, Wim, Jan, Bert, Jesse, Franciska, Hans, Sam, Nathalie, vul je naam maar in. Dát is precies wat Willem Barnard bedoelde, toen hij zei: Johannes 20:16 is echt de belangrijkste tekst. Het betekent dat je tijdens je leven gaat ervaren dat Pasen geen feest is van lang geleden, niet een al dan niet interessant feit, Niet een al dan niet echt of niet echt gebeurd verhaal. Maar dat je gaat merken dat God hier en nu is. En dat Hij je helpt om te leven. Maria, Rabboeni, meester.
Jezus moet een paar keer wat zeggen, tegen Maria. Eerst “wie zoek je”. En dan “Maria”. En tot twee keer toe staat er dat Maria zich naar Jezus toe omdraait. Ik vind dat levensecht. Een mens is de put niet zomaar uit. Daar is die put soms te groot voor, te diep voor. Maar het lúkt Jezus dus wel, levend genoeg zijn, sterk genoeg zijn om Maria aan te spreken en weer tot leven te brengen. De tuin weer te zien, het leven weer te zien. Jezus weer te zien. Tot leven te komen.
Ze gaat vertellen wat haar is overkomen, of beter: dat ze Jezus levend heeft ontmoet. Zij is de eerste evangelist. En zo begint het verhaal dat vervolgens als een lopend vuurtje – door de Geest van God – over de wereld gaat. Binnen 20 jaar is het van Israël – een uithoek in die dagen! – in Rome aangekomen, het centrum van de wereld. Alzo lief heeft God de wereld gehad……
En blijkbaar is het zó sterk, is God zó levend, dat Hij tot op de dag van vandaag met kracht en liefde levend onder ons is. Niet alleen in de put van Maria, maar tot op bij ons. Amen.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.